Home Boeken Familiegeheim Blauw Bloed! De onthulling van een familiegeheim!

Blauw Bloed! De onthulling van een familiegeheim!

1477
DELEN

Lutske Jansje Baron

 

1882-1951

 

 

Passage uit het dagboek van Lutske Jansje Baron:

 

Als ik midden in de nacht wakker word, weet ik niet of ik heb gedroomd.

Ik zag gezichten van mijn vermeende familie opdoemen, daartussen mijn eigen gezicht.

Ik heb stemmen gehoord: Mijn prinsje! Kind van de zonde, jouw schuld!

Een huis, hoe haal je het in je hoofd!

In mijn hoofd zingt het rond: Blauw Bloed, Blauw Bloed!

Boek                   – Blauw Bloed. Onthulling van een familiegeheim!

Auteur                 – Mary Ritsema

Onderzoek            – Geert en Mary Ritsema

Omslagillustratie     – Schilderij Blauw Bloed, Mary Ritsema, 2014

Omslag ontwerp      – Sandra Jonge Poerink –  www.create-id.nl

Foto achterkant        – Henx

Uitgever                    – Mary Ritsema

Nur Code                   – 321

Eerste Druk                – 2016

Aantal Pagina’s            – 244

Druk                           – BoekenGilde – www.boekengilde.nl

Soort                          – Soft Cover Paperback

Techniek                      – Plantaardige drukinkten

Papiersoort                   – FSC  Gecertificeerd, Biotop 100 grams

©Mary Ritsema

Aanvullende achterliggende akten en akten in dit boek, die niet goed leesbaar zijn vanwege hun leeftijd, staan vanaf 26 september 2016 op: www.maryritsema.nl

Vragen kunt u sturen naar info@maryritsema.nl

Copyright © 2016 Mary Ritsema

Voor overname kunt u zich wenden tot:

Mary Ritsema, Holle Drift 78 9469 TB Schipborg

ISBN               9789081124003

KvK                50815326

Spierziekten Nederland

Een deel van de opbrengst van dit boek komt ten goede aan Spierziekten Nederland. Persoonlijk gebruik van informatie (akten etc.) op de website is toegestaan. Een vrijwillige donatie hiervoor wordt zeer op prijs gesteld en komt volledig ten goede van dezelfde organisatie.

Spierziekten Nederland
Lt. Gen. van Heutszlaan 6
3743JN Baarn
IBAN: NL77INGB0001422400

Onder vermelding van: project HSP

blauw bloed. onthulling van een familiegeheim!

 

Mary Ritsema

Foto rechts: Lutske Jansje Baron

Foto links: Prins Willem

Lutske Jansje Baron

Prins Willem, zoon van Koning Willem III

 

Bedankt!

Graag wil ik een aantal mensen bedanken, die mede mogelijk hebben gemaakt dat dit boek er nu is.

In de allereerste plaats mijn man Geert Ritsema. Kleinzoon van Lutske Jansje Baron, zonder haar was hij er niet geweest.  Geert die met mij allerlei archieven van Groningen tot Den Haag en Kadasters heeft bezocht. Hij heeft de boeken met daarin de akten opgezocht en die akten samen met mij uitgeplozen. Geert heeft de interviews met zijn familie gearrangeerd en mij overal naar toe gebracht. Thuis deed hij de verzorgende taken. Tenslotte was hij bereid om het boek te lezen om zo nog enkele fouten op te sporen. En dat was heel bijzonder voor een man die nooit boeken leest. Zonder hem was dit boek niet tot stand gekomen! Lieverd bedankt, je bent je gewicht in goud waard!

Dank ook aan Erwin van der Ploeg die mijn website heeft opgezet en alle veranderingen steeds voor mij heeft bijgehouden. Gezien het feit dat mijn kleinzoon en ik ook schilderijen maken, zijn er best vaak wijzigingen.

Arnold de Meijer, die bereid was om het eerste en latere concept te lezen en daarbij vooral heeft gelet op de leesbaarheid. Van hem kreeg ik zeer nuttige tips. Ook is de huidige titel van hem. Terecht wees hij mij op het feit dat mijn titel ‘Familiegeheim’ op heel veel zaken kan slaan, maar dat ‘Blauw bloed’ de mensen gelijk op het goede spoor zet. Het was een goede tip die ik ook graag heb opgevolgd. Daarbij verzorgt Arnold af en toe een workshop schrijven onder auspiciën van Groningen Plus en de Seniorenkrant. Daar heb ik geleerd om persberichten en dergelijke te schrijven. Heel leuk en leerzaam. Hij was ook bereid om na de cursus mij op allerlei manieren te helpen. Onder andere nam hij de tekst nog eens door en gaf een kritische noot bij de voorbereidingen aangaande de publicatie van het boek. Ik kan het niet genoeg benadrukken, sommige mensen zijn hun gewicht in goud waard en ook Arnold hoort daar zeker bij!

Dank aan onze “kleinzoon” Kenan Avsjaloemov die als laatste het concept heeft gelezen. Hij bood zijn excuus aan omdat hij niet voldoende op de fouten kon letten, hij had zich helemaal verloren in het verhaal. Een mooier compliment kon jij mij niet geven. Hij was overigens bereid om het boek nog een keer te lezen en ik ben hem dankbaar voor de correcties en tips.

Een woord van dank treft zeker ook Diny Vink- Fekkes. Ik worstelde met het feit dat dit boek te duur zou worden, omdat de akten die ik belangrijk vond vele bladzijden in beslag zouden nemen. Ik heb diverse akten uitgewerkt, vaak voorgelezen door mijn man en al dat werk wil je toch graag terugzien. Dat strookte echter niet met mijn idee dat de prijs van het boek zo laag mogelijk moest blijven. Het heeft mij een flinke tijd beziggehouden. Niet iedereen is geïnteresseerd in al die akten, maar genealogen smullen ervan.

Maar laat je dan iedere lezer meebetalen aan al dat materiaal of neem je alleen de belangrijkste akten of delen daarvan op in het boek?  Diny noemde een alternatief: zet een deel op jouw website! Een briljant idee dat ik direct heb overgenomen.

Verder natuurlijk dank aan al die familieleden die we mochten interviewen en die ons hebben voorzien van foto’s. En postuum nog een woord van dank aan tante Martha, de jongste dochter van Lutske Jansje Baron voor alle informatie die zij ons heeft verschaft. Haar beeltenis staat ook op de voorkant van het boek.

Op de laatste snik kwam mijn buurvouw Annemieke Loos langs. Toen ik haar het concept liet zien, ik dacht dat ik klaar was, kreeg ik zeer opbouwende kritiek. Met name over hoe het plaatje er uitziet als de lezer mijn boek leest. Er moest meer rust in het beeld komen. Zij was bereid om mij te leren hoe ik het geheel kon verbeteren.

Een speciaal woord van dank ook aan Renata van Rijsoort, kunstenares. Bij Renata van Rijsoort heb ik in 2014 wekelijks les gehad voor een zeer vriendelijk tarief. Mijn eerste portret bij haar was een schilderij over Malala, een jonge vrouw die door de Taliban door het hoofd is geschoten omdat zij onderwijs voor alle kinderen en speciaal voor meisjes propageert (zij is door Engelse artsen gered). Zij kreeg de Nobel Prijs voor de Vrede.

Ook kreeg zij een prijs in Nederland. Mijn werk heb ik op canvas geprint en via de CdK van Zeeland aan haar aangeboden. Heel blij was ik met haar persoonlijke bedankje via de email.

Mijn volgende werk was een werk met dertien portretten, het omslag van mijn boek. Zou ik dat kunnen maken, mijn idee met meerdere portretten met verschillende nazaten van Koning Willem III? Ik durfde de vraag amper aan Renata te stellen, maar ik wilde het heel graag maken. Jij kunt dat, was Renata haar reactie en ik ga je leren hoe je dat kunt doen. Na 45 lesuren was het af. Vaak sta ik voor het werk en denk: heb ik dat gemaakt? Ik weet dat het zo is, maar kan het amper geloven. Ik wist het zeker, dit wordt de voorkant van mijn boek! Lieve Renata je bent een prachtmens en een hele fijne docent! Bedankt!

Mary Ritsema, Schipborg September 2016

Algemene informatie/ inhoud/dankwoord

Introductie/voorwoord

1 Ik was het kind van de zonde, geboren te Nietap 11
2 Geen vader, geen moeder, Peize 12
3 Spitten in het verleden, Leek 15
4 Voor en in de oorlog, Groningen 18
5 1940 20
6 1949 voor elkaar en met elkaar 22
7 De waanzin en gevolgen van de oorlog 25
8 Lammert is overleden. Oorlogsjaren 27
9 1939 Mijn moeder is nu echt dood, Leek 33
10 Augustus 1942. Mijn eerste bezoek aan het graf van mijn moeder, Midwolde, Leek 45
11 Marten Veening, Tjitske Blaauwwiekel, twee namen uit het gezin Baron/Hendriks 55
12 Hoe zit dat met de datum van overlijden van: Lutske Jans Baron 56
13 Tonnis Tonnis, zich ook noemende Tonnis Tonnis de Graaf, Roden, Leek 58
14 Trouwakte, Leek, Nietap 62
15 De zoektocht van mijn zoon, 1929. Tolbert bij Leek/Grootegast 64
16 Groningen, Raamstraat 9, 1943, kleinkinderen 1946 66
17 Jits is dood, 1947 69
18 Jeugd, jaren 80 van de 19de Eeuw, Leek, Nietap ook wel Terheijl 72
19 Hoe werd dochter Wietske zoon Wietze? Opende, Ureterp 79
20 Verhuizen, Leek 86
21 Mijnheer Bakker, Leek/Marum 87
22 Gerrit Bakker, Gemeenteontvanger 89
23 De deur uit. Ik ga dienen, eerst naar oma Richtje, Marum 1896 90
24 Hans Baron: Een oude bok lust ook nog wel een groen blaadje, Drachten archief 95
25 Lutske Baron, reden voor problemen? Friesland 98
26 Oma Richtje vertelt over de geschiedenis van de familie
Van Panhuys, Nienoord Leek, Hereplein 5 Groningen 101
27 Hoe verging het de familie Van Panhuys 103
28 Huwelijksakte Anne Hendriks en Lutske Jans Baron,
doorhalingen 7de t/m de 13de regel, Leek. Wie woont waar en wanneer? 107
29 Mijn dienst in Groningen. Het vreemde grote huis, maar ook een stukje vrijheid 114
30 18 jaar, Groningen 120
31 Mijn verkering met Lammert 122
32 Mijn/haar huwelijk: 1 juni 1905, Groningen 125
33 De beide moeders tekenen de huwelijksakte niet! 130
34 Voortzetting huwelijk 131
35 Geboorte van ons eerste kindje 132
36 Bezoekje aan Lutske Hendriks haar schoondochter:
Mevrouw Tolsma, Leek, Grootegast 133
37 Lutske Hendriks en zoon Hendrik Ligthart, Leek 137
38 Marten Hendriks, Leek/Groningen 143
39 De NV Noord Nederlandsche Touwfabrieken
en Garenspinnerijen uit Groningen, Leek 146
40 Marten Hendriks koopt van Lutske Jans Baron en Lutske Hendriks.
Beekman, A 316 Leek 149
41 Lutske Hendriks en Johannes Ligthart.
Ik vraag mij af: Schrijf ik nou een detective? Leek 151
42 Johannes Ligthart, Lutske Hendriks, Johannes Ligthart jr.
en zijn vader Anne Ligthart, A 316 Leek 160
43 Akte 546/44 dag registratie dl. 54 NR 531 16 dec 1890 172
44 Johannes Ligthart sr. overleden, Ida van Til 173
45 Zuiderveld 174
46 Leek, het Schoollaantje, Anne Hendrik en consorten akte 943/10 175
47 Anne Hendriks jr. zoon van Marten Hendriks en Wietske van Olst
Tjitske Houtsma-Baron 182
48 Weer zwanger 185
49 De Kleine Bergstraat 13 Groningen. Mijn zoon en schoonzoon gaan op onderzoek 190
50 1898, Kroning van Prinses Wilhelmina. Groningen, een eigen huis. Leek 193
51 Lammert Pleiter (1886) kleinzoons: Lammert, Geert en Jan, Peize, Roden 202
52 Nader onderzoek in Peize, Roden, Eelde 206
53 Teleurstelling 214
54 Bezoek aan de notaris, wij tekenen de akte van de Kleine Bergstraat 13 216
te Groningen
55 1930 Een eigen huis, Kleine Bergstraat 13, 2016 zijn er nog meer raadsels 220
56 Een echte halfzus 223
57 Nalatenschap Lammert Pleiter 1948/1951, verkoop Kleine Bergstraat 13 227
58 De Nassaus en de Romanovs 234
59 Eind 1950, Groningen 238
Naschrift 240
Toekomst, verantwoording 243

 

 

 

Introductie

Voor u ligt de geschiedenis van Lutske Jansje Baron, een vrouw die heel bekend had kunnen zijn als ze erkend zou zijn door de man die haar heeft verwekt.

Dat laatste was echter niet het geval. Sterker nog, volgens haar huwelijksakte was zij de natuurlijke, niet erkende dochter van Lutske Jans Baron en een NN-vader.

De geschiedenis van deze vrouw, de oma van mijn echtgenoot, heeft de familie behoorlijk beziggehouden. Haar afkomst was in 1930 reden voor haar enige zoon en haar schoonzoon om Lutske Jans Baron, de moeder van hun moeder en schoonmoeder, flink onder druk te zetten. Lutske Jansje haar moeder leefde in weelde, net als haar stiefdochter Lutske (dit is geen fout) en haar zoon Marten, tevens de halfbroer van beide Lutskes. Onder deze druk en met de woorden: “Als u nu niet iets voor moeder doet, dan hangen we aan de grote klok wie haar vader is” kreeg mijn man zijn oma een huis.

Mijn man ontmoette ik 1966. Sinds ongeveer 2000 heeft mij dit verhaal steeds meer beziggehouden. Mijn man zijn oma werd door haar moeder het kind van de zonde genoemd. Dat prikkelde mij, hoe kan je als kind nu het kind van de zonde zijn? Gezien mijn eigen denkbeelden verdiende deze vrouw een gezicht te krijgen. Misschien moest ik de zaken wel uitzoeken! Door een verkeersongeluk in 2002, kon ik er pas in 2003 werk van maken. In het begin slechts sporadisch, maar gaandeweg steeds meer.

Meerdere keren ben ik weer opnieuw begonnen en steeds kwam er weer een stukje informatie bij. Soms zelfs heel veel informatie. Daar werd het niet beslist gemakkelijker van. Wat is relevant en wat niet, dat blijft steeds de vraag?

De dagboeken, die we in 2007 kregen, zorgden voor een ommekeer. In 2008 startte ik weer opnieuw. De informatie die mijn man en ik al hadden verzameld in de archieven van Groningen, Peize, Leek, Marum, Roden, Leeuwarden, Drachten, Ureterp, Den Haag, Amsterdam en vele andere plaatsen kwamen goed van pas. Ook de Kadasters van Groningen en Assen hebben ons zeer bruikbare informatie opgeleverd. Genlias (later wie, wat, waar), de site waar bijna alles op te vinden is als het gaat om genealogie; Tresoar met veel informatie over de Friese genealogie, zij waren een bron van informatie. Als we iets hadden gevonden dat we meenden te kunnen gebruiken, was de volgende stap het archief met de originele akten. Hier vind je altijd meer informatie. Wat overigens ook betekende dat we met deze nieuwe informatie ook weer vragen kregen en dat leverde ook weer nieuw onderzoek op.

Voor en na 2008 hebben we diverse familieleden geïnterviewd, ook dit leverde nuttige informatie op. Nadat de jongste dochter van Lutske Jansje Baron en haar man Lammert Pleiter overleed, zij hadden acht dochters en één zoon, kwam er nieuwe informatie boven water.

Oma haar jongste en nog in leven zijnde dochter werd begraven, exact op de dag af 125 jaar nadat de geboorte van haar moeder werd ingeschreven. Ik wist dat ik het boek moest herschrijven.

Ik ging op zoek naar de juiste vorm voor het boek over Lutske Jansje Baron. Zij was steeds meer een deel van mij geworden, ik voelde mij met haar verwant. Ik was het aan haar verplicht om haar een gezicht te geven en om dat zo goed mogelijk te doen.

Hierbij speelden de dagboeken een belangrijke rol. Ik moest iets doen met die dagboeken, die ervoor gezorgd hadden dat ik een betere kijk op haar leven had gekregen. Ik moest het boek schrijven vanuit haar perspectief. Toen ik daarmee was gestart voelde dat zo goed dat ik zeker wist; zo moet het. Ons jarenlange onderzoek kon haar verhaal ondersteunen. Gaandeweg bij het schrijven en nog eens herschrijven vond ik de juiste klik. Ik was tevreden over de vorm: de oma van mijn man die haar eigen dagboeken terugleest en haar leven herbeleefd. Hierdoor ontstond automatisch een boek dat in de ik vorm is geschreven.

Ik had vóór 2014 nooit bedacht dat ik mijn man zijn oma letterlijk en figuurlijk een gezicht zou geven. Het schilderij, dat ik in 2014 heb gemaakt, staat op de voorkant van het boek. Sandra heeft dit werk om een hele mooie manier bewerkt voor de boekomslag. Het schilderij wordt gedomineerd door één man en zijn nazaten, maar dan wel van twee takken: Die van zijn beroemde dochter en die van mijn man zijn oma.

 

Mijn missie: Lutske Jansje Baron een gezicht geven is volbracht!

Schipborg, Mary Ritsema 2016

Voorwoord: Hoe het boek te lezen

Voordat u begint te lezen is het belangrijk om u iets meer te vertellen over de keuze die ik heb gemaakt qua stijl en indeling van het boek. De hoofdzaak is het dagboekverhaal. De dagboeken van Lutske Jansje Baron en haar oma Richtje de Haan zijn door mij bewerkt. De kop van deze hoofdstukken zijn cursief gedrukt. Ook de verhalen van Richtje de Haan zijn cursief gedrukt. Haar directe gesprekken met Lutske Jansje Baron zijn standaard.

Mijn man en ik hebben twaalf jaar onderzoek gedaan. Belangrijke akten, zoals geboorte-huwelijk- en overlijdensakten zijn gefotografeerd en vaak ook uitgewerkt, net als diverse koopakten. Informatie die voort gekomen is uit die zoektocht ondersteunt het dagboekverhaal en staat tussen de dagboekhoofdstukken. Deze hoofdstukken hebben bovenin in de kop het normale lettertype. Zowel de kop als de sub koppen hebben een stippellijn.

In het boek staan foto’s, uitwerkingen van (delen) van akten en stambomen (kwartierstaten) van de diverse hoofdpersonen uit dit boek. Als er een huis wordt verkocht is er een akte aan voorafgegaan. Zo volgt er bij verkoop weer een akte. Ik heb ervoor gekozen om een deel van die akten op mijn website te plaatsen, mede vanwege de hoge kosten die het met zich meebrengt als ik die allemaal in het boek zou hebben opgenomen. Niet iedereen interesseert zich voor de complete inhoud van een akte, maar de lezer wil wel het meest relevante weten. Daarom zijn van de belangrijkste akten wel samenvattingen opgenomen of af en toe een belangrijke pagina uit een akte. Een lezer die wel alles wil weten kan mijn website www.maryritsema.nl raadplegen.

  1. Ik was het kind van de zonde, geboren te Nietap

Mijn hele leven lang werd ik geconfronteerd met deze uitspraak. Dat deed pijn. Vooral als kind trok ik mij dan terug in mijn kleine kamertje. Het bed, een kast en de commode konden er net staan. Hier voelde ik mij wel veilig, hier kon ik mij terugtrekken met mijn dagboek, dat ik had verstopt onder de vloer. Niemand heeft mijn dagboek gevonden, zelfs mijn moeder en haar man niet. Mijn moeder is met hem getrouwd toen ik twee was. Maar ook mijn stiefzuster Lutske of mijn halfbroer Marten hebben mijn plekje nooit ontdekt. Ik besef, dat dit feit maakt dat het geheim rond mijn geboorte misschien na mijn dood toch nog wordt opgehelderd. Of is het toch nog mogelijk dat de zaken worden opgehelderd voor dat ik mijn ogen sluit?

Waarom

Waarom moest ik lijden voor datgene wat mijn moeder was overkomen. Waarom woonde mijn moeder bij mijn stiefzuster, niet eens haar eigen vlees en bloed. Waarom kon ik mijn kinderen amper voeden en leefden mijn moeder, mijnheer Hendriks, mijn stiefzus, mijn halfbroer en hun gezinnen in weelde. De winkel en de timmerfabriek in Leek zijn het eigendom van mijn stiefzus en haar gezin. Ze hebben een eigen huis en auto’s. Mijn halfbroer heeft een eigen schildersbedrijf, een huis in Leek en een auto. Hun kinderen hebben eigen huizen en auto’s. Ik weet dat dit geld via mijn moeder naar mijnheer Hendriks is gegaan. Thuis bepaalde mijn moeder of en wanneer er iets werd gekocht. Naar de buitenwereld was mijnheer Hendriks de baas, maar mijn moeder had de broek aan. Ik vraag mij steeds weer af: waarvan betaalde mijn moeder al het bezit en waarom is alles zo gelopen? Wat heb ik verkeerd gedaan? Waarom heeft mijn moeder mij haar voornamen en achternaam gegeven, als ik het kind van de zonde was? Mijn naam is Lutske Jansje Baron. Mijn moeder heet Lutske Jans Baron. Bij mijn huwelijk zou ik ontdekken dat mijn vader en mijn moeder mij niet hebben erkend en toch heb ik mijn moeder haar namen!

De vader van mijn moeder had als voornaam Jans. Het is heel normaal dat jouw tweede naam dezelfde naam is als de voornaam van je vader, ze noemen dat een patroniem. Bij jongens werd dat dan Janszoon, afgekort Janszn. Maar waarom ik net zo heet als mijn moeder, dat is iets wat ik niet begrijp. Ik heb bij Lammert aangedrongen om een dochter naar mijn moeder te vernoemen, mijn verwachtingen waren niet uit gekomen, ook dit kind betekende niets voor haar. Mijn Lutske laat zich dan ook liever Lucie noemen! Mijn stiefzus heet ook Lutske (Hendriks). Haar namen zouden de mijne kunnen zijn, als mijnheer Hendriks mij had erkend als zijn kind. Is dit toeval!?

Ik blader door mijn dagboeken, het kostbaarste wat ik ooit heb gehad – nou ja, op mijn kinderen na natuurlijk. Zij zijn mijn alles, mijn grootste schat!

 

 

  1. Geen vader, geen moeder, Peize

Onze enige zoon, die eind jaren twintig met mijn schoonzoon aan het spitten is geweest in het verleden van mijn moeder en daarvoor in de archieven in onder andere Peize zocht, kijkt mij aan vanaf een foto in mijn dagboek. Onze zoon draagt het uniform van de PTT, het postbedrijf waar hij al zijn hele leven werkt. Hij werkt er graag en hij is dirigent bij de Postharmonie. Zelf speelt hij ook klarinet. Hij is eigenwijs, overal heeft hij een weerwoord op. Ik kan mij niet herinneren dat er onderwerpen zijn waar hij niet over mee kan praten.

Esperanto is een universele taal, volgens hem dan, die iedereen zou moeten leren, zodat alle mensen over de hele wereld met elkaar kunnen communiceren. Mijn moeder die mij, mijn man en onze meiden nooit ziet staan noemt hem “MIJN PRINSJE.

Ik weet precies waar dit deel over gaat. Ik wilde het niet, dat graven naar mijn moeder haar verleden. Mijn vrome moeder, die zondags vooraan in de kerk zat met haar stiefdochter en met haar schoondochter Wietske, de vrouw van mijn halfbroer, een pafferig mens met rode wangen van de make up die ze draagt. Knalrode lippen en wenkbrauwen die ze zo dik heeft aangezet dat ze bijna haar ogen bedekken. Niet dat dit erg is, ze heeft gewoon ogen die toch niets zeggen. Ze is zo zuinig dat ze volgens mij het toiletpapier twee keer gebruikt en dan te bedenken dat ze bulken van het geld. Het woord mededogen en de betekenis daarvan moet ze nog uitvinden. Wat mij altijd verbaasd is dat ze in een klein huisje wonen, het klopt gewoon niet, het past gewoon niet. Ik heb het rare gevoel dat ze nog een huis hebben en dat ik dat niet mag weten. Het zou ook verklaren waarom ik altijd vooraf moet laten weten als ik langs wil komen.

Ook mijn stiefzus Lutske Hendriks is in de kerk nadrukkelijk aanwezig. Lutske is een blonde vrouw met haar haren opgestoken, ze draagt weinig make up en lijkt daardoor vriendelijker dan Wietske, in feite is ze dat ook wel, tenminste naar anderen toe. Ze is slank en niet groot. Maar net als de anderen houdt ze haar bontjas aan tijdens de kerkdienst, zodat de burgerij kan zien hoe welgesteld ze zijn.  De naam van mijn stiefzus Lutske maakt het allemaal nog ingewikkelder. Waarom zou mijnheer Hendriks mij niet als kind hebben erkend? Omdat ik dan Lutske Hendriks als naam zou dragen? Het moet haast wel, er zouden dan twee kinderen zijn geweest in het gezin van Lutske Jans Baron en Anne Hendriks: beide met de naam Lutske Hendriks. Zou ik daarom de naam Lutske Jansje Baron als naam hebben gehouden? Speelt geld daarbij de belangrijkste rol?  Of ben ik wel door mijnheer Hendriks erkend, maar weet ik het zelf niet? Deze zwijgzame man, die altijd in zichzelf gekeerd lijkt, hoeveel geheimen zou hij met zich meedragen. Al deze gedachten laat ik maar snel weer varen, het is zonder die gedachten al gecompliceerd genoeg.

Ik realiseer mij dat ik de enige ben met rood haar in mijn familie. Niemand anders had rood haar, zelfs oma Richtje niet. Deze haarkleur heb ik vast van de man die eigenlijk mijn ‘vader’ is. Na het bewuste gesprek met mijn zoon had ik ‘mijn beroemde familieleden’, mensen die mij vast niet kennen, regelmatig bestudeerd.

Lutske Jansje Baron en voorouders o.a. oma Richtje de Haan

Er zijn best een aantal opvallende overeenkomsten, behalve het rode haar, de hoge haarinplant, de lijnen rondom de mond, de vorm van het hoofd, de diepe oogkassen, het driehoekje boven de neus en zelfs de hals en nek hebben opvallende overeenkomsten.

Foto: links de Kleine Bergstraat 13, augustus 2016, rechts Lutske Jansje Baron voor haar huis rond 1931, met zoon, schoondochter en kleinkind (beide privé archief)

Mijn enige zoon was destijds zeer uitgelaten geweest. Zijn wangen waren net zo rood geweest als het haar van mij en mijn dochters. Toch wel bijzonder dat de dochters mijn haarkleur hebben geërfd! Er zijn ook weer kleinzoons die roodharig zijn. Ik ben vaak uitgescholden voor ‘Rooie!’ Dat vond ik nooit erg, mijn haarkleur is mooi, ik houd ervan.

Passage uit een deel van het onderzoek naar de eigendommen van de stiefzuster, lees hier ook stiefvader, van Lutske Jansje Baron:

 

Schrijf ik nou een detective!

Tijdens de onderzoeken besluit ik, dat de akten die we nodig hebben, ook onderzocht moeten worden op voorgaande akten. Misschien moet ik er wel voor kiezen om zover terug te gaan dat we in de periode belanden dat Lutske Jansje Baron werd geboren. Mijn echtgenoot vraagt zich af of ik de weg kwijt ben. Hij ziet het niet zitten, maar helpt wel met zoeken. Zelf denk ik ook weleens waarom doe ik dit eigenlijk? Maar er is altijd een gevoel van dat ik het móét doen.

Doordat we veel akten kopiëren, later gaan we over op fotograferen, zit er vaak een lange tijd tussen voor we alle noodzakelijke akten bij elkaar hebben. Soms zie ik dan een belangrijk detail over het hoofd, zo ook in het geval van de percelen aan de Hoofdstraat in Leek, later omschreven als Kerkweg 18-20.

Het betreft twee percelen D 992 en D 993, ze liggen bij elkaar. Als wij na 2000 foto’s nemen is er geen meubelfabriek meer, de meubelwinkel heeft een andere winkelfunctie, duidelijk is wel dat er een woning boven de winkel zit en er ook nog een huisje rechts tegen de winkel zit (rechts is als je voor de winkel staat). Rechts daarvan is het huis van de buren (Zuiderveld?). Het kleinere huis naast de winkel lijkt anno 2016 bij het huis ter rechterzijde te zijn aangetrokken. Het winkelpand heeft nummer 20 en nummer 18 staat links van het winkelpand, met dien verstande dat daar nummer 19 tussen in staat.

Ligthart koopt het perceel: D 993 met huis in 1924 van de erven van Jan Giezen en Anje Tuinstra. Eén van die erven is: Sjoerd Piek, schilder en wonende te Amsterdam en weduwnaar van Annechien Giezen.  In 1920 kocht Johannes Ligthart met steun van Anne Hendriks al D992. Deze percelen zijn samen Kerkweg 18 en 20. De kadaster nummers lopen op van links naar rechts (dus weer als je er voor staat). Dan is het uitermate vreemd dat D 993, wat dan de winkel moet zijn maar 3 are groot is. De winkel is veel groter en er was ook nog een meubelfabriek gevestigd.

Sjoerd Piek weduwnaar van Annechien Giezen, x 2

In 2016 loop ik alle akten bij langs, sommige akten zijn een pagina of tien en vaak in een handschrift waar ik niet vrolijk van word. Gelukkig is mijn man beter in het lezen van diverse handschriften. Ik heb een paar dagen geleden de akte uit 1924 gelezen en wil de akte uit 1877 doornemen, het betreft het perceel D 684 en D 685, het latere D 992. Ik lees eerst een aantal aantekeningen van mijzelf op de achterkant van deze akte. Ik heb nog een andere akte in mijn handen en denk dat ik weer de akte uit 1924 in handen heb. Dat blijkt echter niet zo te zijn. Het staat er echt: Dezelfde naam: Sjoerd Piek, weduwnaar van Annechien Giezen, vertegenwoordigt zijn minderjarige kinderen bij de verkoop van het perceel. We schrijven 1877.

In 1924 is er exact dezelfde situatie: Sjoerd Piek, weduwnaar van Annechien Giezen, vertegenwoordigt zijn minderjarige kinderen bij de verkoop van het perceel D 993. Zijn schoonmoeder Anje Tuinstra is overleden, Anje Tuinstra had in april 1921 de grond van Pompejus van Panhuys van Polman Gruijs kocht, het huis had ze al in bezit.

Kort samengevat toch maar even voor uw beeldvorming:

Sjoerd Piek, weduwnaar van Annechien Giezen is voor zijn minderjarige kinderen betrokken bij de koopakte van het perceel D 31, het latere D 992 aan het Hoofddiep, lees ook Kerkweg, in Leek, het is 1877

Sjoerd Piek, weduwnaar van Annechien Giezen is voor zijn minderjarige kinderen betrokken bij de koopakte aan het Hoofddiep, lees ook de Kerkweg, bij het perceel D 993 in Leek, het is 1924

Conclusie: Johannes Ligthart en Lutske Hendriks kochten het geheel (D992 en D993) in delen, tussen 1919 en 1924 en de familie Piek/Giezen speelden in 1877 en 1924 een rol bij deze percelen.

Gezien het tijdsverschil van meer dan veertig jaar kan het dus niet om hetzelfde echtpaar Piek/Giezen gaan. Sjoerd Piek, weduwnaar van Annechien Giezen is in beide gevallen de vader die zijn minderjarige kinderen vertegenwoordigt.  Er blijken dus twee echtparen te zijn met exact dezelfde namen, in dezelfde situatie bij een koopakte rond D 992 in 1877 en D 993 in 1924. De percelen die in 1919 en 1924 in bezit van Lutske Hendriks en Johannes Ligthart komen.  Hoe bizar is dat? Dit is typisch zo’n situatie die om nader onderzoek vraagt. Wie waren de ouders van deze echtparen, wie zijn hun kinderen, zijn er raakvlakken met Lutske Jans Baron en Anne Hendriks, vooral rond 1882?  Sjoerd Piek die 1877 verkoopt had ik gelukkig al aardig wat info over verzameld.

Deze passage maakt onderdeel uit van een onderzoek dat een heel bijzonder netwerk blijkt te hebben. Maar er is veel meer: hoe bijzonder is het dat in 1869 Wietske, dochter van Hendrik de Jong en Lutske Wiebes Baron  veranderde in Wietze, zoon van hetzelfde echtpaar? U kunt ook in het boek ontdekken hoe en waarom Lutske Jansje Baron haar huis verkreeg. In het boek; Blauw Boek. Onthulling van een familiegeheim! de foto’s en informatie van de bewijsstukken.